Winkelmandje

producten

Blaak sprint naar een tweede plek in Het Nieuwsblad

25 februari 2017

Chantal Blaak won de sprint om de tweede plek in Omloop Het Nieuwsblad op zaterdag. Vijftien seconden nadat Lucinda Brand (Team Sunweb) solo over de streep kwam, was Blaak de snelste uit een achtervolgende groep van vijf. Het was een bekend scenario voor de Nederlandse renster, die ook vorig jaar de sprint om de tweede plek won, toen ploeggenote Lizzie Deignan de wedstrijd won. 

“Als je tweede bent achter je ploeggenote, dan heb je als team gewonnen en dat is hetenige dat telt,” zegt Blaak. “Vandaag wonnen we niet, maar ik ben blij met mijn tweede plek. Ik voel me goed, geloof dat ik wel in vorm ben en ik kijk uit naar de volgende wedstrijden.” 

Blaak moest haar goede benen een aantal keer gebruiken om terug te komen na pech.

 “Ik viel op de Côte de Trieu, wat echt geen gunstig moment was,” vertelt Blaak. “Het was precies onderaan de klim en toen ik bovenkwam zat ik al in een groep op 30 seconden.” 

De Côte de Trieu komt halverwege de 122 kilometer lange koers en wordt vaak gezien als het eerste moment waarop de serieuze breuken in het peloton ontstaan. Een groep van veertig rensters, waaronder het gehele Boels-Dolmans team, wist zich los te rukken van de rest.

“Daarna kwam de Paterberg, maar ik had problemen met mijn fiets na de crash,” legt Blaak uit. “Mijn ketting was eraf gevallen en mijn rem deed het niet goed – maar je hoeft gelukkig niet heel vaak te remmen, dus dat was niet zo erg. Het was niet echt een gunstig moment om van fiets te wisselen, zeker omdat we volgwagen 22 hadden, dus ik moest stoppen om te zien wat ik zelf aan mijn fiets kon doen. Het koste me opnieuw veel moeite om terug te komen daarna.”

Toen Blaak terugkwam in het uitgedunde peloton, waren Ellen van Dijk (Team Sunweb) en Elisa Longo Borghini (Wiggle-High5) er met zijn tweeën vandoor gegaan. Het duo profiteerde toen Amy Pieters en Christine Majerus op de Paterberg een kleine aanreiding hadden. 

“Ellen reed voorop, daarachter Amy, toen Elisa en daarna ik,” licht Majerus toe. “Toen we vielen, gingen die andere twee ervandoor.”

Majerus stond direct weer op en begon verder te rennen op de Paterberg. Pieters had een technisch problemen en moest wachten op de teamauto. 

Door de snelle reactie van de Luxemburgse kampioen kwam ze in een achtervolgende groep met Gracie Elvin (Orica-Scott), Lotte Kopecky (Lotto-Soudal) en Elena Cecchini (Canyon-SRAM) terecht.

“Toen ik wist dat mijn ploeggenoten weer op weg waren, heb ik niet meer meegewerkt,” zegt Majerus.

Omdat de samenwerking in deze achtervolgende groep niet optimaal was, kwam het peloton weer bij ze terug voor de Kortekeer. Van Boels-Dolmans zaten Blaak, Majerus, Karol-Ann Canuel en Megan Guarnier in deze groep en ongeveer een minuut achter Van Dijk en Longo Borghini begon deze groep aan de Ladeuze.

“Ik heb mijn werk gedaan tot aan de Molenberg en daarna was het op,” zegt Majerus.

“Annemiek [van Vleuten] (Orica-Scott) viel aan op de Molenberg,” vervolgt Blaak. “De groep was nog verder uitgedund, ik denk dat we nog met 15 of 20 man waren. Toen dacht ik: oké, ik moet zo hard als ik kan de Paddestraat over en daarna zie ik wel wie er nog bij me is.”

Deze strategie bleek effectief te zijn, aangezien slechts vier rensters haar konden volgen: Van Vleuten, Brand, Kopecky en Amanda Spratt (Orica-AIS).

“Het was niet een perfecte groep, maar wel oké,” zegt Blaak. “Annemiek en Spratt hielpen mee met achtervolgen. Lotte kon slechts volgen en Lucinda deed natuurlijk niks omdat Ellen op kop zat.”

De voorsprong van het leidende duo begon af te brokkelen en net voorbij de Lange Munte, de laatste kasseistrook, konden Blaak en Brand de oversteek maken naar Longo Borghini en Van Dijk. Een paar kilometer verder kwamen ook Van Vleuten en Spratt aansluiten. Met nog tien kilometer te gaan zag het ernaar uit dat deze zes dames voor de winst zouden gaan strijden. 

“Het was een moeilijke situatie, met twee van Orica-Scott en twee van Team Sunweb erbij,” vertelt Blaak. “Ik had al aardig wat energie verbruikt in het eerste deel van de wedstrijd en had niet echt meer iets over voor de finale.” 

Brand bleef aanvallen en bij haar derde poging kreeg ze eindelijk een gaatje. 

“Toen Lucinda de eerste keer aanviel, kon ik niet reageren,” legt Blaak uit. “Ik had goede benen, maar niet zó goed.” 

Met haar derde aanval wist Brand uiteindelijk naar de overwinning te rijden. Blaak zette Van Vleuten op een gaatje om als tweede over de streep te komen. 

“Ik besloot dat het het beste was als ik vroeg aanging,” vertelt Blaak. “Met nog 300 meter te gaan ben ik echt vol gegaan en op de streep had ik een aardig gaatje.” 

Blaak geeft toe een dubbel gevoel over te houden aan de koers vandaag. 

“We hebben ons best gedaan,” zegt ze. “We hebben alles gedaan wat we konden. Maar we hadden zo veel pech vandaag, dus ik denk dat tweede het maximaal haalbare was. Ik ben blij met hoe ik heb gekoerst en hoe we als team reden. Ik weet dat het niet mogelijk is om net zo’n seizoen als vorig jaar te hebben, waarin we alles wonnen, maar ik ben hier altijd tweede, derde of vierde geëindigd. Het zou zo leuk zijn geweest om hier een keer te winnen.” 

Blaak sprint naar een tweede plek in Het Nieuwsblad
Blaak sprint naar een tweede plek in Het Nieuwsblad
Blaak sprint naar een tweede plek in Het Nieuwsblad
Blaak sprint naar een tweede plek in Het Nieuwsblad

Andere nieuwsberichten